Hoofdmenu‎ > ‎Spellen‎ > ‎Spelbeschrijvingen‎ > ‎

Cairo

Spelinformatie

Titel
Cairo
Auteur Günter Burkhardt
Uitgever Schmidt Spiele
Aantal spelers 2 tot 5
Leeftijd vanaf 8 jaar
Speelduur 30-45 minuten
Taal o.a. Nederlands
Materiaal 1 spelbord, houten speelstukken voor 5 spelers: per kleur 1 schip, 15 kleine blokjes, 1 groot blokje en een dobbelsteen, 1 gewone dobbelsteen


Geschreven door Jeroen, 2003 (update door Sandra, november 2012)
 

Introductie 

Met hun boten varen de spelers de Nijl op en neer om al doende bouwstenen voor piramides af te leveren op de bouwlokaties. Dit afleveren gaat ietwat ongebruikelijk: de spelers moeten deze met de vingers wegschieten naar de juiste plek. 

Het speelbord, met duidelijk zichtbaar de Nijl en de bouwplaatsen. 

Elke speler kiest een kleur en krijgt daarvan 15 kleine blokjes, 1 groter blokje en 1 dobbelsteen. Tevens krijgt elke speler een schip dat op het startveld geplaatst wordt.

Spelverloop

De spelers zijn met de klok mee aan de beurt. In zijn beurt rolt de speler met de gewone dobbelsteen. Het aantal ogen bepaalt het aantal vakken dat zijn schip verplaatst moet worden, eerst tegen de stroom in, en als de andere zijde is bereikt weer terug met de stroom mee. Het bord toont hiervoor twee rijen met vakken; tegen de stroom in zijn er meer vakken. Komt je schip op een vak uit waar reeds een ander schip ligt, dan moet je je schip 1 vrij vak verder plaatsen. 
 
Een degelijk en welgevormd houten schip. 


Schieten 
Nadat het schip is verplaatst, moet de speler blokjes gaan schieten. Hij mag kiezen om ofwel 3 kleintjes, ofwel 1 grote ofwel de eigen dobbelsteen te schieten. Om te schieten plaatst de speler het blokje op zijn schip en moet met 1 specifieke vinger het blokje wegschieten. Die vinger wordt bepaald door de dobbelsteenworp: was het resultaat 1, dan moet de duim gebruikt worden, 2 is de wijsvinger, 3 de middelvinger, enz. Bij een zes mag je zelf kiezen welke vinger je gebruikt. Op het bord zijn een aantal bouwplaatsen voor piramides, het is de bedoeling om de eigen blokjes op zo'n bouwplaats te krijgen. Goed mikken is dus een vereiste, helemaal aangezien je met jouw blokje ook de blokjes van een tegenstander weg kunt schieten. Schiet een blokje van het bord af, of komt deze in de Nijl te liggen, dan gaat dat blokje terug in de doos. Ben je zo onhandig om je schip omver te stoten, dan is de beurt onmiddelijk over en moet je een blokje inleveren. 

  
Het kanonnenvoer van een speler: een dobbelsteen,1 grote bouwsteen en 15 kleine bouwstenen. 

Piramides 
Als het je lukt om je blokje op een bouwplaats te schieten en er liggen daar meerdere blokjes, dan mag je van die blokjes een piramide bouwen. Blokjes die hoger op een piramide liggen tellen zwaarder mee bij de puntentelling, maar zijn ook kwetsbaarder als een piramide omver geschoten wordt. 

Verzamelen 
Als je met de stroom mee op een vak eindigt, dan mag je in die beurt eventuele blokjes die op gelijke hoogte aan dat vak liggen weer oppakken. Op deze manier kun je missers ongedaan maken. 
 
Einde van het spel
Zodra een speler zijn laatste blokje heeft weggeschoten gaat zijn schip van het bord af. Deze speler kan verder niets doen en moet wachten tot ook de andere spelers hun blokjes verschoten hebben. Als er nog maar 1 speler over is mag deze nog 1 beurt doen, daarna volgt de puntentelling. 

Puntentelling 
Op elke bouwplaats staan twee getallen aangegeven. Per bouwplaats wordt per speler geteld wat de waarde van zijn blokjes is. Hierbij telt een klein blokje voor 1 punt, (in een piramide telt elk blokje voor de hoogte waarop deze in de piramide ligt), een groot blokje telt voor 3 punten en de dobbelstenen van de spelers zijn zoveel waard als het aantal ogen dat boven ligt. De speler met de hoogste totale waarde in die bouwplaats krijgt zoveel overwinningspunten als het hoogste getal in de bouwplaats aangeeft. De tweede plaats gaat naar de speler met de op een na hoogste waarde. Eventuele overige spelers krijgen niets. Zo worden alle bouwplaatsen gewaardeerd, de speler met de meeste punten wint.