Hoofdmenu‎ > ‎Spellen‎ > ‎Spelbeschrijvingen‎ > ‎

Cluedo het kaartspel

Spelinformatie

Titel
Cluedo het kaartspel
Auteur Phil Orbanes
Uitgever Winning Moves (Identity Games)
Aantal spelers 3 tot 5
Leeftijd vanaf 8 jaar
Speelduur 45 minuten
Taal Nederlands
Materiaal 21 alibikaarten (6 verdachten, 6 voertuigen en 9 vluchtbestemmingen), 39 speurkaarten (19 verdenkingskaarten, 8 spiekkaarten, 6 gouden tip-kaarten en 6 geheime tip-kaarten), 9 stadskaartjes en 1 detectiveblocnote


Geschreven door Enrico, 2004
 

Introductie 

Net als bij het gerenommeerde bordspel Cluedo is er bij het kaartspel een moord gepleegd op Slot Swaenesteyn. De spelers nemen de rol van detective op zich en moeten er zo snel mogelijk achter zien te komen wie de dader is, welk voertuig er is gebruikt en naar welke stad hij of zij is gevlucht. Daarvoor moet je alle sporen nauwkeurig nagaan en iedere aanwijzing noteren, totdat je door handig combineren erachter denkt te zijn welke 3 kaarten er bij aanvang uit het spel zijn verwijderd.
 
 
 
enkele stadskaartjes
 

Spelverloop

De alibikaarten worden gesorteerd in verdachten, voertuigen en vluchtbestemmingen. Van elke soort wordt er blind één genomen en apart gelegd. Deze kaarten bepalen samen de dader, zijn voertuig en de vluchtbestemming. De overgebleven alibikaarten worden door elkaar geschud en blind over de spelers verdeeld. Bij vier of vijf spelers hebben twee personen een kaart minder.

De speurkaarten worden geschud en gedekt bovenop de drie alibikaarten met de oplossing gelegd. Deze stapel vormt de afnamestapel. Iedere speler pakt één speurkaart van deze stapel. De stadskaartjes worden blind in een cirkel rondom de afnamestapel gelegd. Iedere speler pakt er één en legt deze open voor zich neer. Daarna worden ook de andere stadskaartjes open gelegd. 
 
 
voertuigkaarten
 

Iedere speler krijgt een blaadje van de detectiveblocnote. Hierop kan hij gedurende het spel alle aanwijzingen noteren.

De speler die de kaarten gedeeld heeft, begint het spel. Daarna wordt met de wijzers van de klok mee verder gespeeld. Wie aan de beurt is pakt eerst de bovenste speurkaart van de stapel en neemt hem in de hand. Daarna speel je één van de twee speurkaarten die je in je hand hebt uit door deze open op tafel te leggen (met uitzondering van de "geheime tip") en voer je de aangegeven actie uit. De actie die je uit kunt voeren is afhankelijk van de speurkaart die je speelt:

 
 
enkele speurkaarten
 

1. Verdenking
Versie 1: "Spreek een vermoeden uit met een vluchtbestemming naar keuze."
Kies een stad waarvan je vermoedt dat het de vluchtbestemming is. Als het betreffende stadskaartje nog niet voor je ligt, wissel je het om met je eigen stadskaartje. Bij het uitspreken van een vermoeden wordt een verdachte, het voertuig en de vluchtbestemming genoemd. De andere spelers moeten vervolgens met de klok mee dit vermoeden proberen te weerleggen door één van de genoemde kaarten te laten zien. Als één speler het vermoeden heeft weerlegd, hoeven de na hem komende spelers geen kaarten meer te laten zien. 

Versie 2: "Spreek een vermoeden uit met je eigen vluchtbestemming of reis naar een andere vluchtplaats."
Hierbij gebeurt hetzelfde als in versie 1, alleen kun je in dit geval slechts de stad die voor je ligt in je vermoeden noemen òf je stadskaartje voor een andere ruilen. Kies je voor ruilen, dan mag je geen vermoeden meer uitspreken en is je beurt voorbij. 

2. Spieken
Bij een "Spiek"-kaart trek je een kaart bij een speler naar keuze en bekijkt deze zonder dat de andere spelers de kaart kunnen zien. Daarna geef je de kaart weer terug. Bij de "Spiek allen"-kaart doet iedere speler dit bij de op de kaart aangegeven buurman (links of rechts).

3. Gouden tip
Lees de kaart hardop voor. Alle spelers moeten dan na elkaar een alibikaart met het juiste kenmerk aan je laten zien, indien ze deze hebben. 

4. Geheime tip
Deze kaart wordt niet open uitgespeeld, maar gedekt aan een medespeler gegeven. Deze bekijkt de kaart en geeft hem samen met één of meer alibikaarten (of geen als hij de betreffende kaarten niet heeft) weer aan de speler terug. Deze bekijkt de kaarten en geeft de alibikaarten vervolgens aan de betreffende speler terug. 

 
 
verdachten
 

Nadat je een speurkaart gespeeld hebt en de bijbehorende actie uitgevoerd hebt, leg je de gebruikte speurkaart op de aflegstapel. De "Geheime tip"-kaarten worden gedekt op de aflegstapel gelegd. Gedurende het spel noteer je alle aanwijzingen op het blaadje van de detectiveblocnote zonder dat de andere spelers je notities kunnen zien.

Als een speler de juiste oplossing denkt te weten, dan geeft hij dit tijdens zijn spelbeurt aan door de drie kaarten te noemen die volgens hem de oplossing vormen. De stad die open voor je ligt hoeft hierbij niet overeen te komen met de stad volgens jouw oplossing. Vervolgens bekijk je de aan het begin apart gehouden alibikaarten en controleert of je gelijk had. Zorg er hierbij wel voor dat de andere spelers de oplossing niet kunnen zien. Als je inderdaad gelijk had, kun je de oplossing openleggen en heb je het spel gewonnen. Had je echter geen gelijk, dan leg je de oplossing weer terug en gaat het spel verder.

Je mag tijdens het spel maar één keer een oplossing noemen, is deze fout dan kun je het spel niet meer winnen. Je moet nog wel de uitgespeelde speurkaarten beantwoorden. Zelf mag je geen speurkaarten meer uitspelen.