Hoofdmenu‎ > ‎Spellen‎ > ‎Spelbeschrijvingen‎ > ‎

Jungle Speed

Spelinformatie

Titel
Jungle Speed
Auteur “Tom” en “Yako” (Thomas Vuarchex en Pierre Yakovenko)
Uitgever Asmodee
Aantal spelers 2 tot 80 (?)
Leeftijd vanaf 7 jaar
Speelduur 2-20 minuten (afhankelijk van het aantal spelers)
Taal Nederlands, Frans
Materiaal 1 totempaal, 80 grote vierkante speelkaarten (72 symboolkaarten en 8 speciale kaarten), 1 zakje voor de speelkaarten (deze wordt niet gebruikt tijdens het spel, maar is om de kaarten in op te bergen)

Geschreven door Sandra, 2003
 

Introductie 

Volgens de makers is het spel zo’n 3000 jaren geleden al uitgevonden door de Aboeloes, een volk van herrietrappers. Zij ruzieden om de karkassen van hun gevangen prooien met behulp van eucalyptusbladeren. Helaas eindigden deze ruzies vaak met knokpartijen, omdat alle eucalyptusbladeren op elkaar lijken. Gelukkig zijn intussen de speelkaarten uitgevonden en kan dit spel dus geweldloos gespeeld worden. Om dit te bereiken, staat er in de spelregels nog wel een expliciete waarschuwing: het stamleven houdt geen geweld in! Het is ten strengste verboden te winnen door anderen met de totem knock-out te slaan.
 
Het doel van dit spel is om zo snel mogelijk al je speelkaarten weg te spelen. Dit gebeurt in meerdere ronden. Degene die als eerste geen kaarten meer heeft, is de winnaar.
 
 
een spelsituatie

Spelverloop

De totempaal wordt in het midden van de tafel gezet. De symboolkaarten en speciale kaarten worden door elkaar geschud. Iedere speler krijgt een eigen stapeltje kaarten. Deze liggen gedekt voor de speler. Alle kaarten worden opgedeeld. Het kan dus voorkomen dat er spelers met meer kaarten beginnen dan de andere spelers.
 
 
de achterzijde van de speelkaarten
 
 
De spelers trekken om de beurt een kaart van de eigen gedekte stapel. Deze wordt naast de gedekte stapel en zichtbaar voor de andere spelers neergelegd (bovenop de stapel opengelegde kaarten van die speler). Hiervoor gebruik je steeds dezelfde hand.
 
Nu zijn er verschillende mogelijkheden:
 
 
1) De opengelegde kaart is een symboolkaart
De symboolkaart wordt vergeleken met de bovenste openliggende kaarten van de medespelers. Wanneer het symbool overeenkomt met het symbool van een andere openliggende zichtbare kaart, dan grijpen deze spelers naar de totempaal. Dit mag alleen met de hand waar ook de kaarten mee gespeeld worden. De speler die als eerste de totempaal grijpt, wint dit duel.
 
 
het rode en gele symbool komen overeen
 
 
Zijn stapeltje met openliggende kaarten, de openliggende kaarten van de verliezer en de pot (die onder de totempaal ligt) gaan naar de verliezer. Deze legt ze onderaan zijn eigen stapel met gedekte kaarten. De winnaar bij zo’n symboolkaart-duel doet deze spelronde niet meer mee. Hij houdt wel zijn stapel met gedekte kaarten en is dus nog geen winnaar van het spel. De verliezer gaat verder met het spel door een nieuwe kaart om te draaien.
 
De symboolkaarten zijn er in 18 mogelijke symbolen en 4 verschillende kleuren. De symbolen onderscheiden zich duidelijk van elkaar, maar bevatten kleine overeenkomsten waardoor je je door de snelheid van het spel toch kunt vergissen.
 
 
2) De opengelegde kaart is een speciale kaart
De speciale kaarten onderscheiden zich duidelijk van de symboolkaarten. Door de achtergrond op de kaart zijn ze goed herkenbaar. Er zijn 3 verschillende speciale kaarten.
 
 
de drie speciale kaarten
 
  • Speciale kaart met pijlen naar buiten: Bij de kaart met de pijlen naar buiten volgt een gezamenlijke spelersaktie. Na drie (hardopgetelde) tellen draait iedereen die in deze spelronde nog meespeelt een kaart om. Degenen met hetzelfde symbool proberen weer als eerste de totempaal te pakken te krijgen. De speler die als eerste de totempaal grijpt, wint dit duel. De verliezer krijgt het stapeltje met openliggende kaarten, zijn eigen openliggende kaarten en de pot (die onder de totempaal ligt). Deze legt ze onderaan zijn eigen stapel met gedekte kaarten. De verliezer speelt verder met het spel door een nieuwe kaart om te draaien. De duelwinnaar doet deze ronde niet meer mee. Zijn er echter geen overeenkomende symbolen, dan blijft iedereen gewoon in het spel en gaat het spel gewoon verder. De volgende speler draait een nieuwe kaart om.

 

  • Speciale kaart met de pijlen naar binnen: Ook bij de speciale kaart pijlen naar binnen volgt een gezamenlijke spelersaktie. Je moet proberen als eerste de totempaal te pakken te krijgen. Degene die als eerste de totempaal pakt, wint het duel. De stapel met openliggende kaarten van de duelwinnaar komt dan in de pot terecht: een stapeltje openliggende kaarten onder de totempaal. De winnaar speelt verder door een nieuwe kaart om te draaien.

 

  • Speciale kaart met gekleurde pijlen: Bij de speciale kaart met de gekleurde pijlen gaat het spel gewoon verder. Er wordt bij het omdraaien van een speelkaart echter niet op meer op het symbool gelet, maar op de kleur van de symboolkaart. Wordt de totempaal in een (al dan niet terecht duel) gepakt of komt er weer een speciale kaart met de gekleurde pijlen in het spel, dan gelden de symbolen zelf weer als twistpunt.
 
 
nu komen de twee gele symbolen dus overeen
 
 
Opgelet!
  • Wanneer meerdere personen tegelijkertijd de totempaal te pakken hebben, dan is degene met de meeste vingers rond de totempaal de duelwinnaar. Heeft iedereen evenveel vingers rond de totempaal, dan is de winnaar degene die de totempaal op het laagste punt vast houdt.
  • Wordt er tijdens de gezamenlijke aktie met de pijlen naar buiten (een-twee-drie-draaien) een aktiekaart gedraaid met de pijlen naar buiten, dan geldt deze niet! Wordt echter een speciale kaart gedraaid met de pijlen naar binnen, dan geldt deze wel en moeten alle spelers zo snel mogelijk proberen de totempaal te pakken. De winnaar kan (als hij over de juiste symboolkaart beschikt) kiezen of hij zijn kaarten onder de totempaal legt of alles aan de verliezer schenkt en uit deze spelronde stapt. Draait iemand echter de speciale kaart met de gekleurde pijlen, dan gelden niet de symbolen maar de kleuren van de symbolen voor de totemstrijd.
  • Zijn er meerdere verliezers bij een gezamenlijke aktie, dan worden de kaarten door de winnaar verdeeld over de verliezers.
  • De speler die ten onrechte de totempaal pakt of de totempaal laat vallen/omgooit, wordt gestraft. Hij moet alle openliggende kaarten onderaan zijn stapel met gedekte kaarten leggen.
  • Mensen met lange nagels zijn gevaarlijk.
 
Duelwinnaars van symboolkaart-gevechten vallen voor de rest van de speelronde uit. Dit geldt ook voor de symboolkaartgevechten tijdens de duels naar aanleiding van de speciale kaart met de pijlen naar buiten. Er wordt door de resterende spelers doorgespeeld. Wanneer er nog maar twee spelers in een spelronde over zijn, is de speelbeurt afgelopen. Iedereen komt weer in het spel. De stapel openliggende kaarten bij de twee laatste spelers, blijven wel open liggen.
 
Wanneer een speler zowel de openliggende als de gedekte stapel kaarten kwijt is, is het spel afgelopen. Deze speler heeft het spel gewonnen.